Arousal – wat is het en wat gebeurt er in het lichaam?
Arousal – wat is het en wat gebeurt er in het lichaam?
Inleiding
Arousal verwijst naar de mate van lichamelijke en mentale activatie op een bepaald moment. Het lichaam kan relatief rustig en ontspannen zijn, maar ook alert, gespannen of sterk geactiveerd. Arousal verandert voortdurend en wordt beïnvloed door onder meer stress, emoties, inspanning, veiligheid, vermoeidheid en wat er in de omgeving gebeurt. Binnen bokstherapie is arousal belangrijk omdat veranderingen in activatie vaak direct zichtbaar en voelbaar worden in ademhaling, spierspanning, beweging, aandacht en contact.
Wat is arousal?
Arousal betekent letterlijk activatie of opwinding. Binnen psychologie en fysiologie wordt het begrip gebruikt voor het niveau van alertheid en activatie van een persoon.
Arousal is op zichzelf niet positief of negatief. Een bepaalde mate van activatie is nodig om wakker, aandachtig en handelingsgericht te zijn. Wanneer de activatie sterk stijgt of daalt, kan het moeilijker worden om informatie te verwerken, emoties te reguleren en bewust te reageren.
Arousal en het autonome zenuwstelsel
Het autonome zenuwstelsel speelt een belangrijke rol bij lichamelijke activatie. Dit zenuwstelsel regelt processen die grotendeels automatisch verlopen, zoals hartslag, ademhaling, bloeddruk en spijsvertering.
Bij toenemende spanning kunnen bijvoorbeeld de hartslag en ademhaling versnellen en spieren zich aanspannen. Bij afnemende activatie kunnen juist rust, vertraging en herstel meer op de voorgrond komen. Arousal is daarmee niet alleen een psychologische ervaring, maar heeft ook duidelijke lichamelijke kenmerken.
Wanneer is arousal helpend?
Arousal helpt het lichaam om zich aan te passen aan wat een situatie vraagt. Voor sporten, concentreren, reageren op onverwachte gebeurtenissen of het voeren van een spannend gesprek is enige activatie nodig.
Het gaat daarom niet om het voortdurend verlagen van arousal. Belangrijker is dat de mate van activatie voldoende past bij de situatie en dat iemand na spanning ook weer kan herstellen.
Te hoge arousal: hyperarousal
Wanneer de activatie sterk oploopt, wordt gesproken over hyperarousal. Dit kan zich onder meer uiten in onrust, gespannen spieren, een versnelde ademhaling, verhoogde waakzaamheid, prikkelbaarheid of moeite met concentreren.
Bij langdurige stress of traumagerelateerde klachten kan iemand sneller sterk geactiveerd raken. Het herkennen van vroege lichamelijke signalen kan helpen om eerder te reageren op oplopende spanning.
Te lage arousal: hypoarousal
Bij hypoarousal is sprake van een relatief lage mate van activatie. Iemand kan zich bijvoorbeeld vertraagd, vermoeid, afgevlakt, teruggetrokken of minder aanwezig voelen.
Hyperarousal en hypoarousal zijn geen simpele tegenpolen die bij iedereen hetzelfde verlopen. Hoe iemand activatie ervaart en uit, verschilt per persoon en situatie.
Arousal en de Window of Tolerance
Het begrip arousal speelt een belangrijke rol binnen het model van de Window of Tolerance. Dit model beschrijft een bandbreedte van activatie waarin iemand spanning kan ervaren en tegelijkertijd voldoende aanwezig blijft om te denken, voelen, handelen en contact te houden.
Bij sterke overactivatie kan hyperarousal ontstaan. Bij sterke onderactivatie kan hypoarousal optreden. Het model kan helpen om veranderingen in activatie te herkennen en bespreekbaar te maken.
Arousal herkennen in het lichaam
Arousal kan zichtbaar en voelbaar worden via verschillende lichamelijke signalen. Denk aan veranderingen in ademhaling, hartslag, spierspanning, houding, bewegingssnelheid, stemgebruik en aandacht.
Het leren waarnemen van deze signalen kan helpen om eerder te herkennen wanneer activatie stijgt of daalt. Daarmee ontstaat ruimte om te onderzoeken wat op dat moment nodig is.
Arousal en bokstherapie
Binnen bokstherapie kan beweging worden gebruikt om veranderingen in arousal ervaarbaar te maken. Tempo, afstand, kracht, ritme en complexiteit van een oefening kunnen invloed hebben op de mate van activatie.
De bokstherapeut kan samen met de deelnemer onderzoeken wat er gebeurt wanneer de intensiteit toeneemt of juist wordt verminderd. Het doel is niet om zoveel mogelijk spanning op te roepen, maar om lichamelijke signalen te leren herkennen en ervaringen met activatie en regulatie zorgvuldig te doseren.
Arousal en regulatie
Regulatie betekent niet dat arousal voortdurend laag moet blijven. Gezonde regulatie vraagt juist om flexibiliteit: kunnen activeren wanneer een situatie daarom vraagt en weer kunnen herstellen wanneer de belasting afneemt.
Binnen lichaamsgerichte werkwijzen kan aandacht voor ademhaling, beweging, lichaamssensaties, contact en omgeving worden gebruikt om veranderingen in activatie bewust waar te nemen.
Bronnen en wetenschappelijke onderbouwing
Satpute, A. B., Kragel, P. A., Barrett, L. F., Wager, T. D., & Bianciardi, M. (2019). Deconstructing arousal into wakeful, autonomic and affective varieties. Neuroscience Letters, 693, 19–28.
Bekijk via PubMed
Kreibig, S. D. (2010). Autonomic nervous system activity in emotion: a review. Biological Psychology, 84(3), 394–421.
Bekijk via PubMed
Wehrwein, E. A., Orer, H. S., & Barman, S. M. (2016). Overview of the Anatomy, Physiology, and Pharmacology of the Autonomic Nervous System. Comprehensive Physiology, 6(3), 1239–1278.
Bekijk via PubMed
Benarroch, E. E. (2020). Physiology and Pathophysiology of the Autonomic Nervous System. Continuum, 26(1), 12–24.
Bekijk via PubMed