Existentiële Therapie en vrijheid
Wanneer niets zeker is, blijft de vraag: wat doe ik met mijn vrijheid? Zo komt het besef niet als een gedachte, maar als een knoop in de buik. Midden in een ogenschijnlijk gewone dag – je rijdt, je werkt, je wast je handen – en ineens slaat het toe: wat heeft dit alles voor zin? Niet als dramatische vraag, maar als stille onderstroom. Het lichaam spant aan, de adem stokt een moment, en ergens binnenin is er iets dat zich terugtrekt. Alsof het leven om je heen doorgaat, maar jij er net een fractie buiten valt. In therapie noemen we dit geen symptoom. We noemen het een roep. Niet om uitleg, maar om richting.
De mens als worstelend wezen
De existentiële therapie begint niet bij trauma of stoornis, maar bij het mens-zijn zelf. Bij de vrijheid die elke mens heeft – en bij de last die daarmee komt. Om keuzes te maken. Verantwoordelijkheid te dragen. Iets van het leven te maken, zelfs als het breekbaar of onbegrijpelijk is. Viktor Frankl, overlever van de Holocaust, schreef dat vrijheid pas betekenis krijgt in relatie tot verantwoordelijkheid. In de boksring zie ik dat terug: een deelnemer die zichzelf terugvindt in de beweging. Niet als ontsnapping, maar als oefening in aanwezigheid. Elke stoot zegt: “Ik ben hier" en elk stapje naar voren: “Ik kies.”
En dat is niet vanzelfsprekend. Want kiezen doet pijn. Vooral als je niet weet wat je voelt, of als het leven je vaker heeft overweldigd dan gedragen.
Zingeving is geen antwoord, maar een houding
Wie zoekt naar zin, verwacht vaak een uitleg. Maar zingeving is geen conclusie – het is een manier van kijken. Een bereidheid om het leven onder ogen te komen, inclusief de breuken, de stilte, het onvoltooide. Levinas schreef dat de ander ons wakker maakt voor het besef dat we niet alleen leven voor onszelf. En precies daar begint vaak iets nieuws: niet in zelfverbetering, maar in relatie. In zorg en in het besef dat jouw bestaan – hoe gebroken ook – ertoe doet. In bokstherapie is dit tastbaar. Niet door te praten over zingeving, maar door het lichaam te laten spreken. In de ontmoeting met de bokstherapeut.
In het ritme van actie en vertraging, in het herstelmoment na een serie, waarin iemand ineens zijn eigen adem hoort – en daar iets in herkent wat waar is.
Beweging als antwoord op existentiële pijn
Er zijn vormen van pijn die geen oorzaak hebben. Geen verleden, geen trauma, geen duidelijke reden. Alleen een leegte. Een onrust die niet verdwijnt met uitleg. William James noemde dit het existentiële verdriet – datgene wat zich aandient als het leven stilvalt. De boksring is geen plek om die pijn op te lossen. Maar het is wél een plek om ermee te zijn. Om in beweging te blijven, zonder dat het hoeft op te lossen. Iemand die weifelt, zet toch een stap. Iemand die zich klein maakt, heft zijn hoofd. Niet als overwinning, maar als oefening in zijn. Daarin ligt de kracht van existentiële therapie: het helpt niet om iets weg te nemen, maar om iets te dragen.
Een zachte daad van moed
Er is moed nodig om je vragen niet te sussen met afleiding. Om ruimte te maken voor de kwetsbaarheid van bestaan. En tegelijk is die moed vaak stil. Onzichtbaar voor de buitenwereld. De ademhaling die dieper zakt, een blik die open blijft. Een stap in de ring. Bokstherapie is in die zin geen sport, maar een ruimte waar iemand oefent met leven. Met voelen, kiezen, aanwezig blijven – juist als het schuurt. Zoals Marc-Alain Ouaknin schrijft: "Zin ligt niet in de zekerheid, maar in de beweging die ontstaat als we elkaar echt zien.
Een uitnodiging tot bestaan
Soms hoeft er niets opgelost te worden. Soms vraagt het leven alleen om bewoning. Om het besef: ik leef, dus ik ben verantwoordelijk. Niet voor het verleden, niet voor alles wat me overkwam, maar voor hoe ik nu antwoord geef. Therapie in existentiële zin gaat niet over problemen, maar over leven. Over richting, betekenis, verbondenheid.
En soms begint dat bij één simpele vraag: Wat vraagt het leven nu van mij?
Reflectievraag
Wat in jouw leven vraagt niet om een oplossing, maar om bewuste aanwezigheid?
Kijk ook op gerelateerde blogonderwerpen op Mindfulness Centrum Heuvelrug
Maté, G. (2021). The Myth of Normal
Ouaknin, M-A. (1993). La culpabilité, un éclairage
Levinas, E. (1961). Totalité et Infini

Recente reacties